COPD

COPD (Chronic Obstructive Pulmonary Disease) is één van de meest voorkomende chronische longziekten in België samen met astma. Het zijn twee verschillende ziektebeelden met als gemeenschappelijk kenmerk: obstructie van de luchtwegen. Bij astma is deze obstructie in principe reversibel, bij COPD irreversibel en meestal progressief. Beide ziektebeelden zijn het gevolg van een inflammatie van de luchtwegen, hoewel een verschillend inflammatoir proces aan de basis ligt.

Zowel de internationale richtlijnen voor COPD (GOLD-richtlijnen; Global Initiative for the Diagnosis, Management and Prevention of Chronic Obstructive Lung Disease) als deze voor astma (GINA-richtlijnen) zijn duidelijk: een symptomatische controle van de ziekte houdt meer in dan het louter puffen van geneesmiddelen. Beide richtlijnen promoten een zogenaamd “management programma” met o.a. ook rookstop, eetgewoonten en lichaamsbeweging. Het voorziet ook voor u, als apotheker, enkele extra aandachtspunten. Uw patiënten hebben immers, naast informatie over het geneesmiddel en de aandoening, ook baat bij:

  • het aanleren van de bijhorende correcte inhalatietechniek
  • toezicht op de geschiktheid van een inhalator
  • bewaking van hun de therapietrouw
  • het aanleren hoe men allergenen kan vermijden (astma)
  • herinnering aan hun griepvaccin
  • begeleiding bij rookstop

GOLD-RICHTLIJNEN

In 2019 werden de GOLD-richtlijnen aangepast. GOLD legt de indeling van de ernst van COPD sinds kort vast met een letter (van A tot D), gebaseerd op de symptomen én op het risico van exacerbaties. De initiële behandeling (gebaseerd op ABCD) is gescheiden van opvolgingsbehandeling (gebaseerd op de symptomen van de individuele patiënt en zijn huidige medicatie).

 

 

 

 

DE INITIËLE MEDICAMENTEUZE BEHANDELING PER CATEGORIE ZIET ER IN DE HUIDIGE RICHTLIJNEN ALS VOLGT UIT:

  • Categorie A (weinig symptomen, weinig exacerbaties):
    • Bronchodilatator
  • Categorie B (veel symptomen, maar een laag risico op exacerbaties):
    • Langwerkende bronchodilatator (LAMA of LABA)
  • Categorie C (weinig klachten maar frequente exacerbaties):
    • LAMA
    • combinatiepreparaat LABA/LAMA (bij zeer sterke symptomatische klachten
    • combinatiepreparaat LABA/ICS (bij hoog aantal eosinofiele in cellen per microliter)
  • Categorie D (veel klachten en frequente exacerbaties):
    • LAMA
    • combinatiepreparaat LABA/LAMA (bij zeer sterke symptomatische klachten
    • combinatiepreparaat LABA/ICS (bij hoog aantal eosinofiele in cellen per microliter)

 

 

 

DE OPVOLGTHERAPIE ZIET ER ALS VOLGT UIT:

  • Als de respons op de initiële behandeling goed is: deze therapie onderhouden.
  • Zo niet: niet meer behandelen volgens ABCD, maar als volgt:
    • Zoek de meest dominante symptomen om te behandelen (dyspnee vs. excacerbaties).
    • Kies de juiste pathway ter behandeling volgens deze symptomen.
      (Als beide symptomen sterk aanwezig zijn: gebruik excacerbatie-pathway)
    • Evalueer de respons, pas indien nodig verder aan.

ZORGPAD COPD

In samenwerking met een multidisciplinaire werkgroep, waar de Westvlaamse Apothekersvereniging deel van uitmaakte, ontwikkelde het LMN Brugge-Oostende-Houtland een protocol voor de ondersteuning van de eerstelijnszorgverleners bij de behandeling en screening van COPD. Meer info vindt u hier terug.

 

EXTRA INFORMATIE